Verschenen in De Scène, Antwerpen, 1ste jaargang, nummer 5

 

LICHT ANTWERPEN OP

Hier leeft het grootste aantal Dag Allemaal-lezers
van Vlaanderen geweldloos tussen Poëziekrant-abonnees.
Zonder vrees. Legioenen van trage zielen denken

dat deze stad van steen is, decor zonder scène.
Zij hebben het mis. Deze stad klinkt als La Esterella,
rappend op Karel Goeyvaerts. Tegendraads, bovensnaars.

Wie maar hard genoeg probeert kan alles horen: vloed
die blauwe steen nadert, een pen die inkt krast in een
opschrijfboekje, een vogelpikbord in de voorstad, een Peter  

Holvoet-Hanssen die zingt onder zijn stortbad. Bloed kruipt
waar het maar gaan kan. Er hoeft niet echt iets te gebeuren.
Acteurs die niets zeggen acteren ook, zwijgen uit volle borst.  

Theater voldoende. Licht Antwerpen op als een tegel en je ziet
gekrioel alom. Deze metropool vol verloren schreden is warm
als vers brood en voor wie dat wil koel als de adem van grutto’s.

Bert Bevers