Verschenen in Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, Antwerpen, 16de jaargang, nummer 58


TILT

            bij de muziek van Scott Walker

 

I

Deze kluizenaar vermoedt onder kousen sproetjes
bezweert binnensmonds nachtmerries.

Klinkt zoals hij denkt in cirkelend
weerkaatsen Ė luidop maar ongezien,

liefst.

Cimbalen laat hij klateren als cascades.
Toch hangt van dit geluid zijn leven amper af.

Oh, The Luzerner Zeitung never sold out,
never sold out.

 

II

Over zinnen laat hij zilvergrijze sluiers vallen.
Niemand vraagt waarom. Zo is het dan ook goed.

Zingen is voor deze stem geen afdoend woord:
plofjes adem blijven hangen tussen microfoon en

oren.

Dan zweeft hij tussen fluisteren en fluiten door
op weg naar waterweegbree, webben en de lippen

van een meisje dat met open mond probeert
een mooie rond o te neuriŽn.

III


Wereldvreemde man schept eigen logica.
Wie die niet volgen kan mag heel gewoon

een straatje om. Zie je hem dan de pijn niet lijden
van monsters in de nacht, van schaduwen in

regen?

De monnik wist verhalen uit, tegels almaar donkerder
rond de voeten. Hoofdvol galmen wonderen.

In geval van dij. In geval van dij. Hij kust gaten
voor de kogels in geval van dij.

 

            Bert Bevers