verschenen in Tondelvonk, 5de jaargang, nummer 1, Ukkel, 2009
SEXTET
Bij The Drift van Scott Walker
Afwijking
Herkenning van de eenzaat. Simpel drummende
naaste tikt op blikken trommels. Akkoorden slaan
terug. Zo klinkt mijn taal: laat maar kaal,
laat maar kaal. Je mag het slot best wegmoffelen.
Daar gaat hij weer vooruit op jacht naar kalmte.
Huil, waai, buig om, trek mij mee deze schoonte in,
Deze vreemdte. Leer mij er de regels van.
Vlaag
Weer scheur je duisternis gewoon kapot als was
ze een leeg chipszakje. Jaag aan die blazer. Tik
tegen ijzer, tegen vliedende ruitjes aan.
Het hoeft niet telkens van ochtend naar noen
en van licht naar donker te gaan. Het mag ook
van sirenes naar verlaten dokken, van wezen
met verdwenen adressen naar beukende holte.
Doorslag
Fluit naar struiken. Denk aan wat iets betekent
in een andere tuin. Blaas de moed kazoos maar
in en kalmte onder luiken, klappende aanwonenden
en aarzelende bakkers. Zo oogt een lentedag
met gierende winden, makkers. Zo ziet
een murmelende bekende bij trillende snaren
alom hoe het worden kan, hoe het worden kan.
Verlijering
Aan bloeden door vergieten moet je niet denken.
Te schenken valt er elders toch wel beter zeker.
Maanlicht hoor mij, maanlicht huiver, maanlicht
zuiver mij van waanzin. Maffe engel, galm van
weemoed de haven in als dat mag. Stomp lege
bootjes maar weg naar eerder geheugen, naar
vorig verblijven. Alles kan dichter, echt waar.
Strekking
Verwacht op trappen dalen en stijgen, geen
duren op gelijke hoogte. Treden door de jaren
heen uitgesleten, als het wachten op klanken
die nu pas bestaan. Dat is toereikend. Benul
hoeft niet gesuggereerd. Het is er laag na laag.
Wat was je lang weg verre vaderloze, klopper
op niets, azuren avonturier. Veel te lang.
Hoop
Hij moet toch van klokken weten, en van
vreemde buren met zeldzame namen in huis?
Doe op holle trommels late regen na, en
draai de slotjes maar om, de slotjes maar om:
ruisen van oude kastanjes voldoende erachter.
Van groen geen hinder. Ga van mij niet weg
beminde, verminder alstublieft uw liefde nooit.